(On)beperkt
Achter is winter.
Ik loop door.
De wereld wit maken,
is wat ik doe.
Ik weet niet of dit hoort
ik snap het nooit.
Hoop maar dat het zo hoort.
Ik ben niet echt akkoord.
Had ik mogen ontspannen.
Oneerlijk, oneerlijk.
Ik zie alleen vrije spinnen en mensen.
Zo oneerlijk, zo vuil.
Gaf iemand mij maar een hint.
De Bonkelaar